Uw cookies zijn uitgeschakeld. Schakel uw cookies a.u.b. aan om uw voorkeuren op te slaan.

We gebruiken cookies om: klantenervaring te optimaliseren, gepersonaliseerde informatie te bezorgen en het delen van info op sociale media mogelijk te maken. De toestemming die u geeft door op 'Akkoord' te klikken geldt voor alle websites van AG Insurance. Lees ook ons cookiebeleid en onze privacyverklaring.

Meer weten


spacer.gif
Brugpensioen wordt Stelsel van Werkloosheid met Bedrijfstoeslag

In het kader van de pensioenhervorming hebben een aantal belangrijke wijzigingen plaatsgevonden op het gebied van brugpensioen en Canada Dry.

  • Het begrip brugpensioen is vervangen door stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT). Tegelijkertijd is het begrip Canada Dry vervangen door stelsel van werkloosheid met aanvullende vergoedingen bij oudere werknemers (SWAV).
 
  • Daarnaast werden de patronale bijdragen op SWT en SWAV op 1 april jongstleden verhoogd. In bepaalde gevallen zijn deze gevoelig gestegen. De stijgingen gaan in zonder overgangsperiode en zijn ook van toepassing op de bestaande stelsels. 

 

 
Op 1 april 2010 werd er reeds een wijziging doorgevoerd in de patronale bijdragen. Toen werd een onderscheid gemaakt tussen de bestaande stelsels van brugpensioen en Canada Dry enerzijds, en de nieuwe anderzijds.


Er bestaan nu dus drie categorieën, namelijk:
1.       de OUDSTE stelsels: in werking getreden vóór 1 april 2010 of met een ontslag van vóór 16 oktober 2009.
2.       de LOPENDE stelsels: in werking getreden vanaf 1 april 2010 en met een ontslag van na 15 oktober 2009.
3.       de NIEUWE stelsels: startten vanaf 1 april 2012 en met een ontslag van na 28 november 2011.

 

Voor alle drie de categorieën vindt een (verdere) verhoging van de patronale bijdragen plaats. Zie onderstaand het overzicht (voor de profitsector, voor de non-profitsector gelden andere (lagere) tarieven). 

 

 


    1. De tarieven die gelden voor de OUDSTE stelsels: 

      

    Leeftijd bij aanvang
    (degressiviteit)

    Vroeger Vanaf 1 april 2012 Vroeger Vanaf 1 april 2012
    SWT  SWT  SWAV  SWAV
    < 52 jaar 30 % 31,8 % 32,25 %

    38,82 %

    52 < 55 jaar 24 % 25,44 %
    55 < 58 jaar 18 % 19,08 %
    58 < 60 jaar 12 % 12,72 %
    > 60 jaar 6 %  6,36 %




    2. De tarieven die gelden voor de LOPENDE stelsels: 

     

    Leeftijd bij aanvang
    (geen degressiviteit)

    Vroeger Vanaf 1 april 2012 Vroeger Vanaf 1 april 2012
    SWT  SWT SWAV  SWAV
    < 52 jaar 50 % 53 % 50 % 53 %
    52 < 55 jaar 40 % 42,4 % 40 % 42,4 %
    55 < 58 jaar 30 % 31,8 % 30 %  

    38,82 %

    58 < 60 jaar 20 % 21,2 % 20 %
    > 60 jaar 10 %  10,6 %  10 %




    3. De tarieven die gelden voor de NIEUWSTE stelsels: 

     

    Leeftijd bij aanvang
    (geen degressiviteit)

     SWT SWAV
    < 52 jaar 100 % 100 %
    52 < 55 jaar 95 % 95 %
    55 < 58 jaar 50 % 50 %
    58 < 60 jaar 50 % 50 %
    > 60 jaar 25 %  38,82 %



     

    Deze communicatie is gebaseerd op de Koninklijk besluit van 19 juni 2012 tot uitvoering van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (1) en tot wijziging van het koninklijk besluit van 29 maart 2010 tot uitvoering van het hoofdstuk 6 van Titel XI van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (1), betreffende socialezekerheidsbijdragen en inhoudingen verschuldigd op brugpensioenen, op aanvullende vergoedingen bij sommige socialezekerheidsuitkeringen en op invaliditeitsuitkeringen. (B.S., 22 juni 2012)



    Laatste update: 09/07/2012